Vroeger dominee, nu tegen bekering. De Volkskrant

De Volkskrant, 12februari 2011

Van onze verslaggeefster
Karin Sitalsing
GRONINGEN

Vroeger dominee, nu voorzitter van het Atheïstisch Verbond. Zaterdag spreekt Rolf Venema in Harderwijk zijn leden toe op de eerste jaarvergadering van het verbond. Op 12 februari – Wereld Darwin Dag.
Het verbond kwam voort uit onvrede. Niet met religie op zich, benadrukt Venema. ‘Iedereen heeft recht op zijn eigen overtuiging, maar niet het recht om die overtuiging op te leggen aan een ander. Mensen zouden hun overtuiging voor zich moeten houden, gewoon, thuis, in de privésfeer, en er niet de maatschappij mee belasten.’
En dat gebeurt wel, zegt de voorzitter. Neem de politiek. ‘We hebben al sinds 1814 regeringen die ons dingen opleggen vanuit een christelijke ideologie. Politiek hoort seculier te zijn. Partijen als het CDA en de ChristenUnie horen helemaal niet te bestaan. Levensbeschouwing is een persoonlijke keuze, niet iets dat je bij meerderheid kunt opleggen.’
De voorbeelden zijn talrijk, vervolgt de voorzitter. Zo staat op onze euromunt ‘God zij met ons’, terwijl veel mensen daar niet om gevraagd hebben. Krijgen we halalvoedsel opgedrongen, zonder dat we dat weten en dus een keuze hebben. Moeten scholen dicht omdat christelijke ouders weigeren hun kind naar de openbare school te sturen, en andersom. ‘Het is eng om te zeggen, maar ik ben het met Wilders eens dat de islam een ideologie is. Alleen: hij verzuimt te zeggen dat het christendom ook een ideologie is.’
Zijn eigen ommekeer kwam langzaam, vertelt Venema. Al tijdens zijn studie theologie rezen twijfels. Waarom dat onderscheid tussen mannen en vrouwen? En hoezo, homoseksualiteit zondig? Die mensen zijn toch gewoon verliefd? Hij oogstte woede met zijn scriptie, waarin hij betoogde dat homo’s geaccepteerd zouden moeten worden. Toch kon Venema blijven werken als dominee – gemeenten bepalen hun eigen beleid. Toen hij uiteindelijk definitief afhaakte, was hij wegens ziekte niet meer aan het werk.
‘Binnen in zo’;n cirkel ben je vooringenomen – je kijkt van binnen naar buiten, nooit andersom. Ik deed dat wel. Ik ging nadenken en concludeerde dat zo’n onzinnig boek een wel heel magere basis is voor een ideologie rondom iets, waarvan je het bestaan niet kunt aantonen.’