Atheistisch Verbond

Home Atheïsme In Gesprek Met Paul Cliteur

In Gesprek Met Paul Cliteur

 

Een zoektocht naar Harmonie    

Een recensie

Het centrale thema

De titel is in die zin een beetje misleidend omdat je gaandeweg steeds meer de indruk krijgt dat ze helemaal niet bezig zijn met een zoektocht, maar al precies weten welke kant het op moet. Ze volgen een vaste route, buigen niet af en geven onderweg aan welke stappen er genomen moeten worden om het doel te bereiken.

Voor de lezer is dit echter bijzonder plezierig. Sommige boeken kenmerken zich door in het centrale betoog ook af te rekenen met allerlei andere opvattingen, die dan ook in de tekst geciteerd worden.

Dit boek leidt ons in een helder gesprek naar het  'doel van ons streven': de harmonie.

Ik zou het zo omschrijven: het boek helpt ons te zoeken naar het 'samen' in het begrip 'samenleven'.

De vraag is echter: hoe ziet die harmonie er uit? Wat betekent het 'samen' in de samenleving'?

Daarbij is de voor de hand liggende vraag vooral voor de lezers interessant: is die harmonie bereikbaar? En wat moet er gebeuren om die harmonie te bereiken?

 

 

Verhofstadt en Cliteur ontkomen er dan niet aan om de samenleving, waarin wij leven, in casu de Nederlandse en de Belgische, te beschrijven. Want waar hebben we het over?

En dan blijkt het te gaan over een hoofdthema voor Cliteur, want in bijna al zijn boeken gaat hij "op zoek naar de beste manier om mensen met verschillende politieke, maatschappelijke en religieuze opvattingen op een harmonische manier te laten samenleven."

Voor het Atheïstisch Verbond is dit ook een centraal thema. Wij streven naar een seculiere samenleving waarin er geen onderscheid meer is tussen de behandeling, door de overheid, van gelovigen en niet-gelovigen. Daarom is dit boek zeker de moeite waard om te lezen.

 

De structuur

Een boek waarin een gesprek is opgetekend. Ik had het nog niet eerder meegemaakt. Wel een transscript van bijvoorbeeld een radio- of televisie uitzending. Maar dat vertoond altijd van die storende elementen, zoals stopwoordjes versprekingen halve zinnen en dergelijk.

Daar lijkt dit boek in het geheel niet op. Elke paragaaf wordt ingeleid door een vraag of een stelling, zorgvuldig geformuleerd, evenals de antwoorden geformuleerd zijn.

Het is duidelijk gestileerd waar je heel af en toe de indruk krijgt dat de vraag bij het antwoord is gemaakt. Maar dat is geen bezwaar.

Deze vorm maakt het boek wel prettig leesbaar. Opgeknipt in duidelijke onderwerpen, die alle atheïsten zullen aanspreken.  De hoofdstukken die zo ontstaan zijn dan weer opgeknipt in paragrafen die steeds door een vraag worden ingeleid.

Het grote voordeel van deze vorm is dat het niet een doorlopend betoog is dat doorheen de vele hoofdstukken wordt opgebouwd naar een climax. En waarvan je dan ook geen onderdeel kunt missen. Dit boek leent zich ervoor om geregeld van de plank gehaald te worden en snel even op te zoeken wat Cliteur, maar ook Verhofstadt op onderdelen er van vindt.

Want dat moet gezegd:  ze zijn het heel vaak met elkaar eens. De vragen hebben dan geregeld de functie om het betoog van Cliteur een zetje  te geven of een wending aan te brengen.

Het gesprek had er heel anders uitgezien als de vraagsteller uit een andere traditie zou komen.

Beide zijn Liberaal en beide hebben elkaars boeken met genoegen gelezen.

Een kritische opmerking over het gebruik van citaten in een andere dan Nederlandse taal. Soms worden die vertaald, ten gerieve van de lezers, soms ook niet, waarbij meestal de Frans citaten onvertaald blijven. De schrijver zou ervan uit moeten gaan dat niet iedere lezer gebezigde talen machtig is.

 

Religie speelt (nog) een belangrijke rol in onze samenleving

De eerste vijf hoofdstukken zijn bestemd voor de Religie om dan via het cultuurrelativisme uit te komen bij een universele seculiere moraal. Om vervolgens in navolgende hoofdstukken de lijnen uit te zetten naar een seculiere samenleving door duidelijk te maken welke eisen daaraan gesteld moeten worden in het spanningsveld tussen religie, overheid en samenleving.

Religie in een samenleving waarin die algemeen aanvaard is, levert wel spanning op. Onderling, maar ook naar groepen en individuen die niets met religie hebben.

Dat heeft vooral te maken met het feit dat religie niet alleen komt. Religie komt als een verzameling  van mensen 'plus'. Bij religie gaat het niet alleen om mensen, maar ook om een entiteit (god(en) die zich buiten de samenleving bevindt. Zich laat kennen via oude kennisbronnen, waarin een aantal vooronderstellingen staan, gevolgd door beloften, maar vooral ook bevelen' van de god(en) en het antwoord van de mensen, die bij die religie zijn aangesloten. In het gesprek met deze, zoals ik ze maar even noem, mensen 'plus' moet dus altijd rekening gehouden met een extra gesprekspartner, maar waarmee geen gesprek mogelijk is.

Dat is allemaal nog niet zo erg, ware het niet dat de woorden, bevelen van die (goden) niet alleen gelden voor hen die als volgelingen ervan genoemd mogen worden. De woorden en bevelen strekken zich uit over de hele samenleving, zelfs over de hele wereld, comos. Op grond waarvan religies eisen dat iedereen binnen een samenleving zich ook richt naar die woorden.

Dat maakt het onmogelijk om in  een democratie samen te leven. Daar komen spanningen van. Strubbelingen bij wetgeving, die democratisch tot stand gekomen is. En in onze samenleving bestaan dan ook nog bepaalde privileges die religies vanuit de geschiedenis nog steeds hebben.

Cultuurrelativisme

In onze samenleving is er iets vreemds aan de hand. Ieder is blij dat we in een democratie leven, maar dat botst met religie, die immers uitgaat van theocratie: een regering door 'god'. Je kunt niet democratisch kiezen. Daarom hebben we te maken met zijn volgelingen, die wel democratisch verkozen zijn. En deze mensen 'plus' willen niets liever dan dat onze samenleving wordt ingericht naar de woorden en bevelen van hun godheid.

Het zou zo helder kunnen zijn: een kleine minderheid in de volksvertegenwoordiging bestaat uit zogenaamde 'christelijke'  partijen. Dus de overgrote meerderheid kan door middel van wetgeving ervoor zorgen dat we binnen twee kabinetsperioden een seculiere maatschappij zijn geworden.

Echter we delen in onze samenleving niet alleen ons leven, maar we delen ook onze cultuur met elkaar. Mensen komen van verschillende culturen, zelfs in hetzelfde land, en hebben gebruiken die voor de een heel gewoon zijn maar voor de ander onbegrijpelijk, of zelfs verwerpelijk.

Cultuurrelativisme nu is: "de opvatting dat alle culturen en culturele uitingen gelijk zijn." Maar niet alle cultuuruitingen passen in elke samenleving. Een Engelsman die in ons land perse links wil blijven rijden, krijgt grote problemen. Zo zijn er ook op moraal gebied verschillen die zijn terug te voeren op de verschillen in culturen. Ook die zijn  niet zomaar een op een over te zetten.

Voor een goede samenleving moet je dus uitgaan van een soort gezamenlijke grond: "Je moet een minimale kern van universele waarden aanvaarden en die norm is gelijke behandeling."

Vooral in de sociaaldemocratische kringen heeft men in de afgelopen decennia vanuit de stelling geredeneerd dat de "cultuur van de etnische klasse" beschermd moet worden. Ook als er waarden en normen zijn die niet stroken met de waarden en normen van het land. Zo wordt bijvoorbeeld opeens onderscheid tussen mannen en vrouwen geaccepteerd, omdat dat nu eenmaal hoort bij die cultuur.

Volgens Cliteur is "dit een fatale vergissing".

Scheiding kerk en staat vanwege gelijkwaardigheid van elke mens

De enige oplossing die Cliteur ziet is dat er een tweedeling in de samenleving tot stand wordt gebracht met aan de ene kant de overheid en aan de andere kant de levensbeschouwingen met hun specifieke regels en de culturele opvattingen.

Alleen zo kan de overheid ervoor zorgen dat de behandeling van elke individu gelijkwaardig is. Zodra de overheid, zoals het nu nog steeds is, een bepaalde groep privileges geeft boven een andere committeert de overheid zich en is zij niet meer onpartijdig.

De overheid moet zorgen voor wetgeving waarin de normen uitgaan van universele waarden, bijvoorbeeld gegrond op de Universele Rechten van de Mens, evenzo van het Kind.

En het gedrag van de mensen die samen de bevolking uitmaken moet zich daaraan worden aangepast. Uitzondering daarop wordt gemaakt voor de privésfeer. Hier komen ook een aantal mitsen en maren bij kijken, maar dat gaat in dit verband te ver.

De gewenste samenleving is een democratie waarin de staat neutraal is en de burgers gelijkwaardig behandeld worden.

Dit wordt in volgende hoofdstukken uitgewerkt waarin gezocht wordt naar humanisering van ons rechtssysteem en een pleidooi wordt gehouden voor een secularistische staat.

Atheïsme als uitgangspunt

Evenals boven alle andere hoofdstukken staat ook hier een spreuk. Deze vind ik intrigerend. Daarom vermeld ik hem hier: 'Atheïsme is een vorm van nederigheid'.

Nu ligt de verleiding op de loer om over dit hoofdstuk erg uitgebreid te recenseren.  Maar dat doe ik niet. Daarvoor moet ieder zelf het boek maar lezen.

Wel wil ik Cliteurs positie ten opzichte van het atheïsme verhelderen.

Na een aantal vormen van atheïsme te hebben benoemd komen er twee omschrijvingen die hij nadrukkelijk op zichzelf betrekt: "Een atheïst is iemand die het hoogst onwaarschijnlijk acht dat God zich heeft geopenbaard aan één specifiek volk dat leefde in wat we tegenwoordig het Midden-Oosten noemen. In deze zin ben ik wél atheïst". En een atheïst is ook "iemand die het onwaarschijnlijk acht dat God een zoon in mensengestalte heeft voortgebracht die hier, op aarde, bepaalde opdrachten moest vervullen om daarmee de mensen vrij te kopen van een soort schuld die zij op zich hebben geladen door niet te luisteren naar Gods geboden. Ook zo ben ik een atheïst!"

Op de vraag: "Wat betekent jouw specifieke atheïsme dan voor jezelf?" antwoord Cliteur: "De volledige verantwoordelijkheid nemen voor al mijn morele beslissingen. Het betekent een oriëntatie op dit leven, niet op een leven hierna. Het betekent dat je serieus rekening houdt met het feit dat dit wel eens het enige leven kan zijn".

Als Atheïstisch Verbond streven we naar een seculiere samenleving. Maar Verhofstadt vraagt zich af of atheïsten per definitie secularisten zijn. Daarop antwoord Cliteur: "Dat zijn twee verschillende dingen die niet noodzakelijk met elkaar te maken hebben. Een secularist is iemand die bepleit dat de staat zich neutraal opstelt tegenover godsdienst.[..] Een atheïst is iemand die denkt dat er geen goede argumenten bestaan voor de stelling dat God bestaat".

Nog een afsluiting in de woorden van Cliteur: "Ik ben veeleer een oude atheïst. Ik ben eigenlijk al vanaf mijn 17de of 18de betrekkelijk intensief bezig met geloof en levensbeschouwing. Het atheïsme van Dawkins en Hitchens is betrekkelijk recent. Bovendien, zoals ik eerder heb aangegeven, ben ik niet zozeer een atheïst als wel een secularist. Dat is gewoon belangrijker. Wel vind ik dat de boeken van Harris, Hitchens en Dawkins heel onderhoudend en wat kracht en argumentatie betreft ver uitstijgen boven de meeste boeken die ik gelezen heb."

Samenvatting

In zijn slothoofdstuk waarin hij op zoek gaat naar vervangende tien geboden geeft Cliteur in een paar zinnen weer wat de kern van dit boek is: "Willen we in de toekomst meer harmonie in deze wereld, dan zullen we ooit een serie echte universele normen en waarden moeten opstellen en naleven, geboden dus die door iedereen aanvaard worden. Daarmee zeg ik niet dat mensen hun huidige geloof moeten afgooien, maar wel dat ze in hun omgang met medemensen die universele seculiere moraal als uitgangspunt moeten nemen."

In dit alles vinden we heel veel aangrijpingspunten voor onszelf in ons nadenken over de samenleving waarin we leven. Maar ook voor het Atheïstisch Verbond op haar weg naar een seculiere samenleving.

Er is echter een probleem waar naar mijn idee Verhofstadt en Cliteur niet echt aan toe komen en dat is de vraag hoe krijg je gelovige mensen zo ver dat zij 'menselijke' normen en waarden belangrijker gaan vinden dan de woorden van hun 'god'?

Stof voor een nieuw boek?

Rolf Venema

Ps. Dit boek is te bestellen via het zoekvenster van Bol.com op deze site. Als u daar gebruik van maakt, krijgt het Atheïstisch Verbond daar een paar dubbeltjes voor. Zeg maar: het is voor een goed doel.

 

 

Plaats reactie

Berichten worden door een moderator gecontroleerd voor plaatsing.


Beveiligingscode
Vernieuwen

WIE IS ONLINE

Vandaag28
Gisteren62
Deze week244
Deze maand1149
Sinds 11-02-201222893

Op dit moment zijn 6 gasten online

ENQUETES

Onderwijs moet alleen openbaar zijn
 

ATHEISTISCH VERBOND IN HET NIEUWS

ADMINISTRATIE

LET OP: Inloggen alleen voor de redacteuren van deze website.


MEEHELPEN

Meld je aan als lid
Lid worden van het Atheïstisch Verbond? Bij aanmelden als nieuw lid een vel sloganstickers t.w.v. € 7,00 gratis.
Meer informatie hierover treft u hier.

Donatie
Als u nog niet lid wilt worden, maar ons werk wel financieel wilt steunen kunt u een gift overmaken via het bankrekeningnummer 12.8765.003 t.n.v. Atheïstisch Verbond te Winsum o.v.v. donatie.

Menskracht
Om de doelstellingen van het Atheïstisch Verbond te realiseren is tijd nodig en menskracht. Als u zich aangesproken voelt en energie wil steken in één of meerdere initiatieven dan kunt u dat aangeven via het contactadres.

Doneren door te kopen
Door een van onderstaande boeken te kopen, door hier erop te klikken, doneert u een klein bedrag aan het Atheïstisch Verbond. Als u een titel zoekt die niet is vermeld, kunt u het zoekvenster gebruiken. Tik daarin de titel of de auteur,


PARTNERS